Rue Daru

Rue Daru

23 januari 2019 0 Door Harmen Strikwerda

Ik kreeg het volgende artikel toegestuurd: THE CHOICE FACING THE ARCHDIOCESE OF RUSSIAN CHURCHES IN WESTERN EUROPE door Victor Alexandrov (kik op de titel)

De afzender, D., vond het een positief artikel. Of dat zo is zal voor iedere lezer anders zijn. Ik zelf vind het weliswaar positief geschreven, vooral omdat het feitelijk is en ontdaan van ‘valse’ emotie, maar het geeft tegelijkertijd de triestheid weer van de orthodoxe kerk(en) in de diaspora.

Als ik op mijn ‘pad’ terugkijk dan kan ik alleen maar constateren dat, en dan trek ik hem gelijk maar breed, een orthodoxe kerk in de diaspora een voor een gemiddelde ‘calvinistische[1]’ Nederlander een weg is met een einde. En aan het einde van de weg blijven dan maar twee keuzes: deze kerk verlaten of je schikken in de mores van een vreemde cultuur. De positieve uitzondering vormt (vormde) eigenlijk Rue Daru, precies zoals Alexandrov dat in zijn stuk schetst: een zekere vrijheid, passend in de cultuur van het land (Frankrijk, Nederland, etc.), waaronder ook een gezond soort van democratie.

En dat zal ook de reden van de opheffing zijn. Want het is vrijheid in gebondenheid, die democratie is niet oneindig, we zijn een kerk, met geloof (neem ik aan, want alleen de ‘Luister van Zijn Huis’ kan nooit voldoende zijn), en er zijn mores waaraan we ons dienen te houden. En, we kunnen op een aantal van die punten maar niet tot in het oneindige compromissen sluiten, want het is de christelijke grond van ons bestaan. Ik heb het gevoel, en ik wil benadrukken: dat is mijn gevoel, dat aartsbisschop Gabriel, Eeuwige Gedachtenis!, hoe aimabel hij was, kon zijn, en hoe vriendelijk en benaderbaar ook, die teugels misschien teveel heeft willen vieren. Waar dan graag misbruik van is gemaakt. Wellicht was de keuze voor aartsbisschop Job een reactie daarop, een ‘afrekenmoment’ met verdrietige gevolgen. Nogmaals en nogmaals, ik weet het niet, ik veronderstel.

Feit blijft dat Rue Daru voor mij geen kerk in de diaspora was, maar -in Nederland- een Nederlandse kerk met een Nederlands karakter[2]. En dat lijkt nu tot een einde te komen. Tenzij ……

Ik heb altijd het volste vertrouwen gehad in de oecumenisch patriarch. Een patriarch die vol in deze wereld staat, zich niet afzondert van andere kerken en kerkleiders, staat voor zijn kerk en geloof maar accepteert dat culturele en historische verschillen in het afgelopen millennium tot verschillende kerken heeft geleid. Een groene en sociale patriarch ook, die oog heeft voor de noden van de schepping, voor de armoede en welvaartsongelijkheid, voor de verdrukten. Dit neemt niet weg dat ook het oecumenisch patriarchaat het machtsspel speelt. Binnen het patriarchaat zelf, zoals blijkt, maar natuurlijk nog meer tussen de patriarchaten onderling, binnen de orthodoxe familie.

Wat zich rond Rue Daru afspeelt heeft geen theologische grondslag, dat heeft geen enkel schisma ooit gehad. Niet het verschil van mening over de Filioque was de ware reden van het grote schisma, niet de vraag of de slang werkelijk gesproken heeft was de reden van de afzetting van Johannes Geelkerken in 1926, noch dat het dispuut over de doop de werkelijke reden was van de vrijmaking in 1944. In al die gevallen ging het ook, en zeker vooral, om de macht binnen de kerk, kerkpolitiek en geopolitiek.

Ik maak er geen deel meer van uit, maar het gaat me wel aan het hart. Vooral voor al mijn vrienden die -weer- voor ingrijpende keuzes worden gesteld. Ik hoop daarom dat er snel oplossing komt en dat deze recht doet aan het verlangen van de parochianen.


[1] Voor mij zijn alle (autochtone) Nederlanders, van wat voor (on)geloof dan ook, in feite calvinistisch, dat is cultureel bepaald.

[2] Mijn vertrek uit de orthodoxe kerk had een andere reden.